Van geloof tot wetenschap

De vroeg-christelijke kerk
De kruistochten
Het middeleeuwse wereldbeeld
Middeleeuwse wetenschap: scholastiek

De vroeg-christelijke kerk

  • Vanaf het begin van de jaartelling waren christenen vanuit Israël uitgezwermd over het hele Middellandse zeegebied. In de Romeinse tijd waren zij het slachtoffer van hevige vervolgingen.
  • De Romeinse keizer Constantijn de Grote gaf na zijn bekering in 313 de christenen vrijheid van godsdienst. Hij streefde naar één allesomvattende (= katholieke) staatskerk en één geloofsopvatting, om daarmee eenheid in het rijk te brengen. In de 6e eeuw werd het christendom uitgeroepen tot (verplichte) staatsgodsdienst.
  • Vanaf Karel de Grote (ca. 800) was de keizer tevens het hoofd van de kerk. Abten en andere hoge geestelijken kregen belangrijke posten in het landsbestuur. Karel de Grote voerde een doelgericht beleid om alle stammen met geweld te bekeren. Hij liet overal in het rijk kerken bouwen en kloosterscholen oprichten.

Leg uit

Een Karolingisch kerkgebouwtje. Het is een eenvoudige vakwerkconstructie, opgevuld met stenen en klei. De Saksen en Vikingen verwoestten de meeste van dit soort kerken, of anders werden ze vervangen door stenen kerkgebouwen. Zoals de Romaanse kerk rechts, in Cibiu, RoemeniŽ. Ondanks het bescheiden formaat heeft deze kerk al een apsis (uiteinde).

De kruistochten

  • Vanaf 700 deden moslims (moren) aanvallen op het christelijke West-Europa (Spanje) en het Byzantijnse Rijk (de Balkan en Griekenland). In Palestina bezetten zij de heilige plaatsen Jeruzalem en Bethlehem. Verschillende pausen voerden in de 11e eeuw campagne voor een heilige oorlog (kruistocht) tegen de 'ongelovigen'. Koningen, edelen en avonturiers zagen het als een christelijke plicht het geloof te verdedigen. Onder leiding van Godfried van Bouillon veroverden zij in 1099 Jeruzalem.
  • Tot eind 13e eeuw volgden nog acht andere kruistochten, allemaal zonder succes. Een tragische mislukking was vooral de kinderkruistocht in 1212. De verkenning van vreemde gebieden leverde wel nieuwe producten en kennis op.

Leg uit



 

Paus Urbanus spreekt in 1095 met de internationale bisschoppenvergadering over de eerste kruistocht. Rechts de Heilige Graf-kerk in Jerusalem.

Het middeleeuwse wereldbeeld

  • Het vroege West-Europese christendom was vermengd met heidense gedachten en gebruiken. Het gebruik van heilige voorwerpen en amuletten, de vrees voor straf, demonen en het vagevuur zijn eigenlijk Germaanse ideeën.
  • Er bestond een algemeen aanvaard beeld van het heelal, het kosmologisch Model. Dat model - een wonderlijke mix van bijbelkennis en Griekse mythologie - was plaats voor God, heiligen en engelen, maar ook draken, feeën en elfen. Bij gewone middeleeuwers overheerste vooral de angst voor ziektes, natuurrampen en het hellevuur.
  • In dit Ptolemeïsche wereldbeeld is de aarde een bol, omringd door zeven sferen ('bollen') waarin de hemellichamen bewegen. Daarbuiten zijn de sterren, God en de hemel. God zet de hele kosmos in een draaiende beweging. Deze beweging vinden plaats volgens harmonische verhoudingen. De invloed daarvan wordt via de lucht (aether) doorgegeven aan de aarde en beïnvloedt de gebeurtenissen en de gemoedsgesteldheid van de mensen. Door deze krachten en de werking van planeten was alles op aarde veranderlijk en vergankelijk. De mens had zelf geen invloed op deze grillige gang van zaken (Fortuna).

Leg uit

Schema van het heelal, uit het boek Cosmographia (1539) van de Duitse Peter Apian. Coelum (links bovenaan) betekent hemel.

Een onderzoeker breekt door de buitenste sfeer en ontdekt de mechanismen die het heelal in beweging houden (illustratie uit de 16e eeuw).

Middeleeuwse wetenschap: scholastiek

  • Het bestuderen van de theologie (als hoogste wetenschap) betekende het doorgronden van het universum. Wetenschap bedrijven betekende het bestuderen en vergelijken van bronnen uit het verleden: de kerkvaders en de Griekse filosofen.
  • Theologen ontwikkelden een vaste werkwijze om problemen en teksten te bestuderen. Deze wetenschappelijke methode, de scholastiek, hield in dat elke theorie door middel van citaten en verwijzingen getoetst werd aan gezaghebbende schrijvers. Die manier van bronvermelding en verantwoording is nog steeds het uitgangspunt voor de moderne wetenschap.

Leg ui

Top